• do
    20
    nov
    2014
    Technopromo

    De Cuboxbijeenkomst van 20 november stond in het teken van het (nieuwe) leren. Wat weten wij ondernemers van de huidige leerscholen - zoals ROC De Leijgraaf - en wat weten de leerlingen op die scholen van het bedrijfsleven?! Om hierin beter inzicht te krijgen, bezochten zo’n vijftig Cuboxleden drie locaties: ROC de Leijgraaf, het Stagebureau en de technische praktijkschool Techno Promo.

    Bekijk het album

    fotoalbum

    Maar eerst startten we die dag met een verrukkelijk buffet, verzorgd door het koksgilde en de gastheren- en vrouwen van de opleiding horeca. Deze buffetvorm was voor deze studenten tevens een prima leermoment, omdat zij meestal vaste menu’s maken en serveren. Vervolgens splitsten de (Cubiox)deelnemers zich op in drie groepen, die rouleerden langs de drie bezoeklocaties.
    Praktijkschool Technopromo is gestart in 2002. 35 Vrijwilligers en gepensioneerde vaklui laten hier jongeren van 10 (vanaf groep 7 van de basisschool) tot 16 jaar op allerlei manieren kennis maken met techniek. In een hal van 500 m2 zien we allerlei werkeilanden met namen als ‘Elektro’, ‘Pneumatiek’, ‘3D-print’, ‘Daken’ en ‘Metaalplein’. Het zelf (laten) ontdekken staat voorop. De kinderen werken - onder begeleiding - in tweetallen. Ze krijgen een soort werkkist met praktische materialen en leerboekjes om concreet aan de slag te kunnen gaan. Per jaar bezoeken 7.000 kinderen dit instituut. De financiering ervan gebeurt door de provincie en acht gemeenten in NO-Brabant en Noord-Limburg. De kosten zijn : € 3,75 per basisschoolleerling en € 6,50 voor een leerling van de middelbare school.

    Technopromo blijkt overigens ook een leuke invulling te zijn voor feestjes. In workshops leren de kinderen dan bijvoorbeeld om echte klokjes te maken of gaan ze aan de slag met laser-snijden. Enkele Cuboxers probeerden iets anders uit. Zij trapten zich ter plekke op een klein fietsje uit de boxnaad, om zo al pedalerend wat overtollige energie over te dragen op de ‘batterijen’ van de aanwezige zonnepanelen. En ze konden ook zelf zien hoevéel energie.

    Op het Stagebureau geeft Paul van der Plas (www.ervaarhet.nl)  een soort  minicollege. De naar werk zoekende of vragende HBO-er is hierbij zijn uitgangspunt. Wat zoekt die HBO-er eigenlijk in zijn/haar werk? Het antwoord geeft best stof tot nadenken. Die HBO-er wil vooral vrijheid in zijn werk; ook moet er voldoende ontwikkelings-perspectief zijn; daarnaast wil hij veel liever een coach hebben dan een directe leider en ook wil hij  graag sociaal netwerken. Tenslotte wil hij het liefst al in een vroeg (werk)stadium meedenken over de organisatie waarin hij werkt. Een andere casus van Paul betrof ‘de arbeidsvoordelen van het Land van Cuijk’. Onze groep ondernemers bedacht als grootste voordelen: het gevarieerde werkaanbod; de gunstige bereikbaarheid; het relatief goedkope wonen en het gemakkelijker ‘zichtbaar’ zijn in een kleinschalig gebied, zoals het LvC.

    In Lab4 (ROC- de Leijgraaf) benoemt docent/directeur Rolf Asbroek de nieuwe leer- en werkmethode van het ROC: studenten op een veel meer ondernemende manier laten leren. Daarom biedt het ROC ook steeds meer vraag gestuurd - wat is de marktbehoefte? - en projectmatig onderwijs en richtten ze zich dus steeds meer op het praktische DOEN. ROC als onderwijsinstelling moet inspirerend zijn, een soort overgangsomgeving naar de ‘young professional’, een ontmoetingscentrum tussen ondernemer en student. Tegelijk houdt Ralf zijn studenten – en ook ons! – een spiegel voor: de vaste baan wordt verleden tijd! Studenten zullen flexibeler moeten zijn dan ooit en ze zullen hun tijd moeten gaan verdelen tussen meerdere banen. Mede daarom stimuleert de Leijgraaf het directe contact met het ondernemerschap, coachen ze op ‘ondernemendheid’ en vragen ze ondernemers gastlessen te komen geven of businesscoach te zijn.

    Het ‘nieuwe leren’ hield die dag officieel op om 22.00 uur, een eis van de arbeidinspectie. Maar wij zijn/waren voorlopig nog niet uitgepraat. (Zie de reactie van Asbroek in deze nieuwbrief op de Cuboxbijeenkomst).

    Foto’s: Patrick Bongartz fotografie Cuijk
  • do
    09
    okt
    2014

    40 Jaar druk, druk, drukker
    Tien oktober 1974 begonnen Tiny en Ria Weemen met een drukkerijtje, ergens op een zolderkamer, na het dagelijkse werk van Tiny. Precies veertig jaar later - op één dag na - vieren beide Hapsenaren hun veertigjarig drukkerijjubileum, is het bedrijf overgedragen aan de zonen Maarten en Twan, werken er 74 mensen en zijn totale communicatie, duurzaamheid en proactief bezig zijn met de nieuwe informatie-technologie het leidend beginsel in de onderneming. Vooral dit laatste is interessant voor veel (Cubox)ondernemers: hoe past een bedrijf nieuwe communicatievormen zoals Google Glass en Augmented Reality, toe in het bedrijf.

    IMG_6316--BerryPoelen-

    fotoalbum

    Op pre-lustrumdag 9 oktober leidt kersverse directeur Maarten Weemen ruim 100 Cubox-ondernemers door het jubilerende familiebedrijf. Eerst met beelden door de historie van de onderneming. Later met zijn kompaan Twan, zijn ouders en enkele medewerkers door het fysieke gedeelte van het bedrijf, via de verschillende afdelingen. In de feesttent verschijnen in grootbeeld en in vogelvlucht een aantal opmerkelijke jaartallen uit de bedrijfsgeschiedenis. Zo treedt Maarten (zelf) in 2001 het bedrijf binnen via een grafische opleiding en komt Twan erbij in 2005 als de meer commerciële man, nadat hij zijn tennisloopbaan heeft moeten beëindigen. In 2010 vindt de start van de bedrijfsoverdracht plaats van de ouders naar de zonen. In 2012 verwerft het bedrijf zijn vijfde vestiging en anno 2014 is ook nummertje zes een feit..

    3 Kernwoorden
    De visie van het (nieuwe) Weemen is samen te vatten in drie kernwoorden:
    1.Totaalleverancier. 2. Duurzaamheid. 3. Innovatie
    (Zelf zeggen ze: ontzorgen)

    De omschakeling naar totaalleverancier houdt in, dat er vooral een omslag plaatsvindt van productgericht - naar ketengericht produceren. Dit vraagt een omschakeling in het grafisch proces, maar ook in de wijze van denken. (Bijvoorbeeld de vaste templates die men nu maakt voor de eigen nieuwsbrieven van klanten). Duurzaamheid is een item dat Weemen al heel lang koestert. Een scala aan bewijzen getuigt hier van, zoals de diverse ISO-certificaten, het gebruik van groene stroom, en de toepassingen van FSC-papier en bio-inkten.
    Een innovatieve ontwikkeling binnen de drukkerij is  een toepassing als ‘augmented reality’. Bij het drukwerk – een brochure, een nieuwsbrief, etc. – wordt als belevings-element bijvoorbeeld een filmpje toegevoegd. Terwijl je de brochure van (bijv.) Ikea leest, kun je via een filmpje precies zien en ervaren hoe die fantastische kast of bank of tafel, straks in jouw eigen woonkamer geplaatst kan worden.

    Wonderbril
    Een andere opvallende  innovatie is het begrip ‘Google Glass’.Harrie van der Maat showde ons de (on)mogelijkheden van deze wonderbril. Opmerkelijk genoeg waarschuwde deze trendwatcher in zijn praatje regelmatig voor de beperkingen en gevaren van deze bril. Met name noemde hij het mogelijk ‘levensontwrichtende karakter’, door het altijd en overal gebruik kunnen maken van deze moderne communicatietechnologie!  Daarnaast hield hij ook een (commercieel) positief betoog over de wonderbril, met als grootste voordelen: het hands free gebruik, de gemakkelijke draagbaarheid en de controle op afstand.
    De praktische toepassingen van de bril lijken nog het meest betekenisvol te zijn.
    Zo kun je via GG (Google Glass) direct wegschades laten zien en beoordelen door gemeentes of infrastructuurbedrijven. En ónder de verschillende wegen kun je problemen met leidingen van gas of electra direct traceren. Ook voor makelaars kan GG heel handig zijn: zo kun je het aangeboden huis direct ‘bezichtigen’. Ook een defect aan een auto is voor onderhoudsmonteurs via GG gemakkelijker te duiden. Maar uiteindelijk relativeert Van der Maat het product GG ook. In feite zou de bril evengoed een armband kunnen zijn of een polshorloge. Bovendien lijkt de bril toch wel erg veel op een smartphone, alleen lijkt GG wel wat draagbaarder. En de prijs? Voor € 1700,- heeft u er eentje op uw neus, maar de prijs zal wel snel gaan dalen. Dus nog even geduld hebben wellicht ...

    De fysieke rondleiding na de twee inleiders zorgde eigenlijk voor de echte beleving van het Weemenbedrijf. Want je rook de inkt, je proefde het papier, je hoorde de persen, je voelde de ‘rust’ en je zag zelf door die ene bril wat je hoopte te zien: een wondertje van techniek. (En dan hebben we het nog niet eens over de wonderpen, die zomaar even als schrijf- en drukgadget beleefd kon worden).

    Foto’s: Hagemann Fotografie - Cuijk Berry Poelen

  • do
    05
    jun
    2014

    Gastvrij landgoed De Barendonk
    Samen op witte fietsen door groen land

    IMG_2386

    fotoalbum

    Liesbeth Thijssen van landgoed De Barendonk heeft in de jaren ’80 een strategische keuze gedaan: ze trouwde met haar buurman, veehouder Jan Hermanussen. En zo is het gekomen, dat het huidige landgoed nu drie economische dragers kent: een recreatiebedrijf, een hightech melkveebedrijf en een gedeelte dat zich richt op landschaps- en natuurbeheer.

    De Barendonk - afgeleid van ‘baar’ of ‘beer’ (wild zwijn) en ‘donk’ (hoog stuk land) - wordt al genoemd in het jaar 1484. Met vier andere landgoederen (waaronder De Tongelaar) willen zij in het Land van Cuijk de rentmeesters zijn voor de natuur en het landschap van morgen.
    Dat zien we terug in de recreatietak van het familiebedrijf. Vanaf 1997 is zorgvuldig gebouwd aan ‘natuurlijke’ gastenaccomodaties, zoals de Vlaamsche Schuur. Hierbij is de voormalige stal geschikt gemaakt voor hedendaags logies, maar optisch is het van buiten nog steeds een boerenschuur. Ook de trekkershutten ademen de sfeer van natuurlijkheid. Door de materialen, maar ook door het uitzicht. Het oude landhuis uit de 19e eeuw is een mooi voorbeeld van cultureel erfgoed en doet nu ook dienst als trouwlocatie. En voor wie helemaal terug naar de basis wil, is er het leuke ‘hooihotel’. Hier voel en ruik je de natuur aan den lijve.

    Koe melkt zichzelf
    Het melkveebedrijf van echtgenoot Jan, is een voorbeeld van het samengaan van agrofood en hoogwaardige technologie. De 120 koeien kunnen vrij bewegen in de stal, mogen slapen op matrassen en lopen zelf naar hun eigen melkrobot. Niet de boer regelt wanneer er gemolken moet worden en of er een vraag is naar krachtvoer, de koe doet dit helemaal zelf. Naar haar eigen behoefte wandelt ze naar de robot en krijgt ze wat ze op dat moment nodig heeft. En dat dit gezonde en mooie exemplaren oplevert blijkt uit het feit, dat de dames Brasilera en Wilma 208 in 2012 Nederlands kampioen zijn geworden (Nu nog even doorvreten, dames, voor het WK!)  Overigens, elke dag eet een gezonde koe 60 kilo gras, drinkt ze 100 liter water en geeft ze 30 liter melk. (En die koe wordt dus niet gemeten volgens schofthoogte, maar naar kruishoogte).
    Primeur met ‘Etappe’
    Het logo van het nieuwe bedrijf ‘Etappe’ - de schakels van een fietsketting - symboliseert de coöperatievorm van het nieuwste werkgelegenheidsproject in het Land van Cuijk. Fiets Plus Rob - het rijwielbedrijf van Rob van Hulten -, Stichting (Kringloop) Actief, èn werk-voorzienings organisatie IBN sloegen de handen ineen. Zo ontstond een splinternieuw samenwerkingsverband als coöperatie ‘Etappe’.

    Margot van Dijk (IBN) was hoorbaar trots op de start van dit nieuwe werkgelegenheidsproject voor mensen met enige afstand tot het arbeidsproces. En dat eenvoudig uitgevoerde rijwielen met terugtraprem en een grote ‘koebel’ als geluidsdrager best lekker kunnen fietsen, bewees het groene rondje rond de Barendonk. Cubox had de primeur in zes groepjes de fietsen uit te proberen in het fraaie landschap. Rob zette de karretjes na afloop weer ‘netjes strak tegen elkaar’. En dat er toen ook nog drie winnaars waren van dit WKrondje, zal bijna niemand zijn ontgaan ...

  • do
    20
    mrt
    2014

    BIJEENKOMST 20 maart bij Inspyrium 

    Ondernemen is veranderen

    De man van het ledlampje verlicht het Business Event 2014

    IMG_3333-BerryPoelen

    fotoalbum

    Hij nam geen blad voor de mond, Ruud Koornstra. ‘Over 10 jaar rijden we onze auto niet zelf meer, en over 3 jaar is alle energie gratis’. Boude uitspraken, van de voormalige directeur van IDTV en huidige baas van de duurzame onderneming Tendris. Koornstra heeft faam en geld gemaakt met de ledlamp en probeert nu met allerlei nieuwe en duurzame uitvindingen en toepassingen de wereld te veroveren. De innovatieve en bevlogen goeroe sprak in de tweede helft  van het zogeheten ‘Business Event 2014’ in de Inspyrium Arena van Ebben in Beers. Een bijeenkomst, die onder auspiciën stond van de vijf business-organisaties in onze regio: Rabo, ZLTO, JVC-Businessclub, Industriёle Kring Land van Cuijk èn Cubox.

    Angst voor verandering en angst voor de toekomst waren de twee uitgangspunten in het meeslepende betoog van Koornstra. Uit onderzoek blijkt, dat slechts 2 % van de mensen denkt dat onze kinderen het later beter krijgen dan wij! Maar hij weerlegt die angsten voor de toekomst. ‘Ondernemers zijn per definitie dromers over een betere tijd van morgen. En Nederlanders blijken ook supergoed te zijn in vernieuwingen en veranderingen. Bij 65% van alle innovaties in de wereld is op een of andere wijze een Nederlander betrokken. Alleen, we hebben wel moeite om die vernieuwingen te implementeren’.

    Exponentieel

    Vroeger ging verandering geleidelijk, nogal lineair. In deze tijd gaan veranderingen exponentieel, in

    een steile stroomversnelling. Het meegolven met die veranderingen is dan veel moeilijker, maar wel (letterlijk) van levensbelang als ondernemer. Of we willen of niet: we moéten mee. Maar we moeten wel opletten, dat de groei en toename die op allerlei terreinen op aarde plaatsvinden, goed samen-gaan met vernieuwingen en veranderingen. ‘Vernieuwingen’ aldus Koornstra, ‘moet je vooral durven aangaan. Durf die eerste stap te zetten en hou niet steeds beide benen op de grond. Zoiets kan namelijk onmogelijk tegelijk plaats vinden’. Maar je eigen geest resetten - om te veranderen -  is wel één van de allermoeilijkste zaken. Immers, vernieuwing zorgt in eerste instantie voor verwarring en dáár moet je als mens(heid) en ondernemers doorheen. Overigens, duurzaamheid en innovatie zijn heus geen filantropie. Dat dit ook echt niet zo is, laat Koornstra vervolgens zien middels een aantal dia’s, waarbij naast zijn kinderen ook zijn eigen electrische auto’s  - zoals de sportieve Lotus - van het beeldscherm afspringen. Met name, als ze worden uitgelicht met zijn eigen ledlamp en hij er een aantal beroemde gezichten en namen bijplaatst van mannen met wie hij aan tafel heeft gezeten, zoals Bill Clinton, Tony Blair, de Dalai Lama en onze eigen ex-minister president Balkenende. De quote die de oud-premier volgens de spreker gezegd zou hebben op het moment dat ie in zo’n superbolide van Koornstra plaatsnam en direct wegspoot, sprak boekdelen: ‘Kut zeg, wat geil’ (Over verandering van taalgebruik gesproken, van de professor!)

    Het  betoog van Koornstra valt eigenlijk in één zin samen te vatten: Durf GROOT te dromen.

    Maar wellicht het meest leerzaam over het begrip ‘verandering’ was zijn slotfilmpje, waarin mensen pakweg 12 jaar geleden spraken over de (negatieve) toekomst van de mobiele telefoon. Niemand vond zo’n ding nodig of geloofde erin. En wij kennen de werkelijkheid van nu. Toch gaf het meisje dat toen zei: ‘Ik ben heel gelukkig zonder’  ons wel een bijzonder aandachtspunt. Want, ook gelukkig zijn is een gewenste geestesgesteldheid. En als je dat bent, moet je zeker niet alles meteen resetten, zonder overigens die verandering tegen te willen of kunnen houden ...

    De eerste helft, Ben Tiggelaar
    In de eerste helft van ‘de wedstrijd’ in de Business Arena, houdt de man van ‘MBA in één dag’ - Ben Tiggelaar - een gloedvol betoog over gedragsverandering. Op muziek van James Brown moeten alle 530 ondernemers eerst een paar keer elkaar aanstoten om ‘volledig bij de les te zijn’. Zijn leerzame, maar wel ietwat te snelle verhaal, is duidelijk. Het gaat met name over de psychologie van veranderen, de problemen die zich hierbij voordoen en de concrete stappen die je als mens en ondernemer moet zetten om verandering te effectueren.

    Tiggelaar wijst erop dat in het bedrijfsleven continu veel verandert en wordt vernieuwd en dat dit ook steeds sneller gaat. Was de toename van het aantal patenten tussen 1990-2000 nog 30%, de afgelopen 10 jaar bedroeg deze 70%. Het slagingspercentage van toegepaste vernieuwingen is echter relatief klein. Vooral de factor ‘mens’  - denk eens aan de weerstand bij het veranderen van leiderschap - is hierbij cruciaal. Terwijl veranderen per definitie bewegen inhoudt, is het geconditio-neerde gedrag van een mens gewoon heel moeilijk te veranderen. (Veel vaste gewoonten, routine, automatismes zitten er in ons gedrag dat zo vanzelf plaatsvindt. Denk bijv. aan auto rijden of eten). Het filmpje van de gezichten van de kinderen die een verleidelijke marshmallow zien, maar hem niet mogen opeten om er zo nog één te kunnen scoren, maakt duidelijk wat een ‘strijd’ wij moeten voeren om ons (snoep)gedrag  enigszins te kunnen veranderen.

    Blue zone
    Gedrag is meestal een soort routine. De zogeheten ‘Blue Zone Theorie’, naar aanleiding van de zeer oud wordende en gelukkig zijnde mensen op een eiland als Sardiniё, bewijst dit. Zonder dat deze mensen er veel moeite voor hoeven te doen, voldoen ze aan de diverse factoren om gezond oud te worden. Ze hebben ‘gewoon’ hun eigen sociale contacten, ze bewegen elke dag in de moestuin of in huis, ze eten vooral groentes, en stoppen zich nooit ‘vol’ met voedsel. Dit alles gebeurt bij hen vanzelf. Tiggelaar refereert hieraan, om te komen tot (dergelijk) gewenst en ‘automatisch’ gedrag voor onder-nemers. Hij benoemt vier concrete stappen. Wees zelf een rolmodel en monitor jezelf hier regelmatig op. Complimenteer ook je medewerkers zeer regelmatig (en niet eenmalig). En vooral: durf te experimenteren in en met je zaak. Maar weet, dat als je een veranderingsplan hebt opgesteld, je er voor 93% zeker van kunt zijn, dat je dit plan weer moet veranderen en daarna weer. Want veranderen is een continu proces, dat zich aanpast aan de tijd. De één kan dit wel beter dan de ander. Maar hoe het ook zij: DROMEN - DURVEN - DOEN zijn de drie sleutels tot veranderen. In die volgorde, èn als drie-eenheid.

    Decor(um)
    Een kleine kritische noot over het decor(um) van de Arena. Want decor is niet alleen iets om naar te kijken, maar bestaat ook om er iets mee te doen. Er is vast veel energie en tijd geїnvesteerd in het verzinnen ervan. De tribunes met de vakken, de  leuke shirtjes, het voetbalveld, de voetbaldoelen, de waaier....Prima, maar doe er dan wel iets mee. Alleen die trap tegen een bal de tribunes in van de teamleiders, is toch wat karig. Verander die shirtjes bijvoorbeeld in vlaggen, of spandoeken, of ‘luiers’. Geef die doelen een functie. Laat er een penalty intrappen bij een verkeerde opmerking van de spreker, of gebruik ze als mascotte. Til ze boven je hoofd, doe er iets ludieks mee. Die doelnetten kun je weergaloos verknopen, dus veranderen. En dan die uitgedeelde waaier?  Was er een bedoeling bij? Maak er iets interactiefs van. Zo was het decor alleen maar decorum. Jammer, want het was een kans voor open doel!  Nou ja, wie de (voetbal)schoen past, trekke hem aan...

    Derde helft
    En dan natuurlijk de derde helft in die fraaie - maar wel geluidsvolle – Inspyriumhal. Het was nog heel lang napraten onder het genot van .... En dat zegt genoeg over dit spraakmakende Business Event.

    Foto’s: Berry Poelen Hagemann fotografie Cuijk

  • do
    27
    feb
    2014
    Fitland Mill

    ‘Nieuwe zuurstof voor het bedrijfsleven’Het forumdebat op 27 februari ging over de nieuwe rol van de gemeenten en de gevolgen hiervan voor het bedrijfsleven. Er worden immers veel taken van de Nationale - naar de Gemeentelijke overheid overgeheveld en ook komen er allerlei grote, nieuwe regionale samenwerkingsverbanden. Aan de forumtafel zaten naast Tweede Kamerlid Michiel van Veen (VVD), drie burgemeesters uit onze regio: Karel van Soest (Boxmeer), Wim Hillenaar (Cuijk) en Antoine Walraven (Mill en St. Hubert).

    fotoalbum

    fotoalbum

    Onder leiding van de prima gastpresentator Erik Jansen werden vijf stellingen geponeerd. Aan discussietafels kregen onze leden en de uitgenodigde ondernemers van de Industriёle Kring LvC, de kans op deze stellingen te reageren via gerichte vragen aan het forum. Hieronder een kleine compilatie van vragen, stellingen èn antwoorden bij het debat, dat gezien de diverse positieve reacties behoorlijk inhoudelijk, interactief en heel geanimeerd was. (Met dank aan alle deelnemers!).

    Herindeling en samenwerking is nodig om de positie van het Land van Cuijk te versterken.

    v. Veen: Samenwerken is essentieel, maar pas wel op voor een te ingewikkelde structuur. Daarin verzandt het vaak te veel. Anderzijds pleit ik ervoor, dat de autonomie, de eigenheid van de verschillende gemeenten, moet blijven bestaan.
    v. Soest: Ik ben zeker voor samenwerking, maar daarbij moeten we ons als Land van Cuijk focussen op Agrofood. Hier liggen bovendien verschillende interessante subsidiemogelijkheden voor innovaties. En dan denk ik met name aan Teeuwissen Groep en Stork-Marel. Echt, we zijn een vijfsterrenregio. Als wegenbouwer Heijmans zegt, dat ie ‘eigenlijk niks heeft met Agrofood’ en steeds wijst op wegen en infrastructuur, dan wijs ìk hem op wat er allemaal over die wegen wordt vervoert: agrofood-producten. Dus ook hij heeft er wel degelijk mee te maken.
    v.Veen (kritisch): Focussen is prima, maar leg niet al je eieren onder één kip. Focus ook op andere regiobedrijven die voor werkgelegenheid zorgen.
    Walraven: Als je zegt dat het Land van Cuijk ‘alles heeft op dit gebied’, dan word ik daar tegelijk wel een beetje bang van. Concentratie op Agrofood is prima , maar het verhaal moet wel beter verteld worden. Dan komt er wellicht ook meer begrip voor.
    Jos Hermens (Landelijk Vastgoed; vanuit de zaal): De ontwikkelingen gaan veel te langzaam. We zitten als LvC in Den Haag - als het om stimuleringsmaatregelen gaat - ‘aan de laatste mem’.
    Hillenaar (redelijk fel) :  Dat is niet zo. In de provincie staan we juist voorop in hun aandacht. Met geweldige bedrijven als Teeuwissen, Nutricia, Nutreco ... Maar we moeten wel reёel zijn:  Gemeenten als Oss, Veghel en Uden zijn simpelweg groter dan onze regiogemeenten.
    v.Veen (aanvullend) : Er zijn zelfs ondernemers uit het LvC die vanuit Den Haag rechtstreeks benaderd worden...
    Er moet meer bestuurd worden vanuit professie en deskundigheid dan vanuit politieke achtergrond.
    (Achterliggende gedachten en opmerkingen hierbij waren, dat deelname van het bedrijfsleven in zowel het landelijke al gemeentelijke bestuur heel beperkt is. Politieke keuzes worden te vaak gemaakt vanuit partijbelang. Er zijn genoeg deskundige ambtenaren die zaken voorbereiden en uitwerken, maar de politieke  - veel minder deskundige -  gemeenteraadsleden beslissen hier uiteindelijk over. Is het niet tijd voor een soort zakenkabinet op gemeentelijk niveau (een idee van Contour manager Robert Philips), waarin deskundigheid boven partijpolitiek gaat?  Maar, hoe staat het dan met de toekomst van onze democratie?)
    Walraven: De gemeenteraad is en blijft de volksvertegenwoordiger. Dat staat bij mij voorop.
    v. Soest: Om een college te kunnen beoordelen moet je absoluut wel iets in huis hebben aan deskundigheid. Maar voor mij hoeven dat niet per se ondernemers te zijn (Momenteel zijn er bij ons van de 20 raadsleden 4 ondernemers)
    v. Veen: Het gaat ook om het proces vóór het kiezen van de gemeenteraad. Richt je als ondernemers daarop. Geef daar die kwaliteitsimpuls, dan komt die deskundigheid indirect ook in de raad.
    Hillenaar: Ik wil hier wel even een lans breken voor de huidige raadsleden. Ze werken meestal hard en bereiden zich goed voor. Maar ondernemers horen stellig ook thuis in die raad. Ik denk, dat het die ondernemers zelf ook extra kansen kan bieden.
    Van Haeren (vastgoed; uit de zaal): Ondernemers medeverantwoordelijk maken via het raadswerk kost hen ontzettend veel tijd. Ze moeten zich inlezen, meedenken, raadsvergaderingen bijwonen, etc.
    Je bent zomaar 20 à 24 uur per week extra bezig. Die tijd heeft een gemiddelde ondernemer niet. Gebruik hen daarom selectief.
    Walraven: Ik doe zelfs een oproep aan politieke partijen: vraag die ondernemers persoonlijk bij je meningsvorming over onderwerpen. En neem die meningen dan mee in je besluitvorming.
    Hillenaar: Het zou goed en effectief zijn, om bij de voorbereiding van bepaalde (ingewikkelde) zaken veel meer deskundigheid in te schakelen. En daar horen ondernemers zeker bij. Maar ik durf te beweren, dat binnen de kortste keren die zakenlui òòk politiek bedrijven. Het wegen van verschillende belangen is namelijk best ingewikkeld.

    Inzake de vele regelgeving waar zoveel mensen (en ondernemers) over klagen stelt van Veen nog:
    Er zijn veel en veel teveel wetten. Maar ook dat is democratie en de waan van de dag. Op het moment dat er iets bijzonders in de samenleving gebeurt, wordt erop gereageerd. In de maatschappij , maar ook in de Tweede Kamer. En voor je het weet, komt er een wet met nieuwe regels of andere regels die dat wat gebeurd is moet aanpakken of voorkomen...
    v. Soest : De portefeuille ‘handhaving’ kost  in ons (bestuurlijk) werk ontzettend veel tijd. Ik pleit voor zo min mogelijk regels en veel meer het boerenverstand laten werken. Dat scheelt veel tijd èn geld.
    Bij de slotvraag van forumleider Erik Jansen moeten de vier forumleden in één zin ‘de kansen voor de toekomst van ondernemers in het LvC aangeven’ middels een oproep.
    v. Soest: Kom met een nieuw ontwikkelmodel voor het Land van Cuijk (LvC)!
    v. Veen: Er komt 50 miljoen euro extra naar de regio! Ondernemers: pak ze!
    Hillenaar: Focus jullie vooral op het LvC als de Agrofoodcapital . (Binnen 10 jaar is er één gemeente Land van Cuijk. Daar verwed ik wel een wijntje om.)
    Walraven: Grote kansen liggen ook op het terrein van Rekreatie en Toerisme. Maar: blijf elkaar vooral ontmoeten in regio NO-Brabant. Daar komt altijd meer kwaliteit uit!

    Foto’s Berry Poelen Hagemann fotografie Cuijk