• do
    26
    nov
    2015

    Persoonlijke impressie
    Op bezoek in de Tweede Kamer
    Donderdag 26 november

    fotoalbum

    fotoalbum

    26 November lijkt in eerste instantie net een schoolreisje: met twee volle Cubox-bussen op pad naar Den Haag. Het weer is zonnig, de stemming perfect, de verjaardag van Lotje (van Vincent) wordt bezongen met ‘hieperdepiephoera’ plus een gezond stukje fruit, en voor de lunch pikken we in Cuijk nog even een smakelijke blackbox op.

    Om verder de 162 kilometers goed door te komen, ontvangen we onderweg  - naast sterke ondernemersverhalen - een schriftelijk vragenlijstje om ideeën en wensen op te schrijven die onze (politieke) meesters Emile, Michiel en Eric straks onder hun hoofdkussen kunnen leggen. Zo gaan ze wellicht een beetje meer aan ons denken als de betreffende onderwerpen in de Kamer ter sprake komen. De lijstjes zullen worden aangeboden met een potje zaad en een potje Land van Cuijkse klei om te kunnen ontkiemen.

    In Den Haag aangekomen wordt het ineens een veel serieuzere aangelegenheid. Voordat we onze bestemming - de Tweede Kamer der Staten Generaal - binnengaan worden we niet alleen individueel gescreend, maar ook persoonlijk en picturaal verzocht ons half uit te kleden voor een totale bodyscan. Een naïeveling die een foto maakt van dit eigentijdse, maar ook naargeestige gebeuren, wordt meteen tot de orde geroepen: delete die foto. Maar binnen de deuren van het huis van de democratie wachten - gelukkig  met een volle glimlach - de bovenmeesters Emile Roemer (ER) en Michiel  van Veen (MvV) ons op, terwijl hun assistenten de gang van zaken van die middag uitleggen. Allereerst houden we in een ontvangst- en commissiekamer met beide heren een heel prettig Land van Kuuks vragenuurtje.

    Vragenuurtje
    Zo informeert Vincent Maassen (Bewegingscentrum, fysiotherapie) hoe de heren aankijken tegen de tomeloze macht en uitgaven van de zorgverzekeraars. Het wekt geen verbazing, dat beiden hier allervriendelijkst, maar wel 180˚ verschillend, op reageren. ER: ‘Hoe kun je nou bijvoorbeeld een half miljard euro besteden aan publiciteit voor zorgverzekeringen’.  Waarop MvV zegt: ‘dat dit bedrag helemaal niet zo ongepast is, als je bedenkt dat er 70 miljard euro omgaat in de hele branche’. Walter Arends (Financiële dienstverlening) stelt de liquiditeitsproblemen van het MKB aan de orde en vindt dat de overheid dit mede veroorzaakt door zich niet te houden aan de reguliere dertig dagen betalingstermijn. ER stelt als (instemmend) antwoord hierop ‘een soort boetebeding voor, zoals dit ook al voor het bedrijfsleven geldt’.

    Hein Vriens (Connector) werpt het probleem op van de enorme administratieve rompslomp op dit moment. Beide volksvertegenwoordigers beamen het zeer. ER en MvV zeggen nu eensgezind: ‘We zijn hierin erg doorgeslagen. Het is een oververhitte reactie op de verschillende crises die hebben plaats gevonden, zoals die van de bouw en de banken. In wezen gaat het om vertrouwen en zelf verantwoordelijkheid nemen. Dit moet snel terugkeren’. MvV stelt overigens wel ‘dat 80% van de regels door de verschillende brancheverenigingen zelf voor hun leden zijn ingevoerd!’. Philip van Haeren (Projectontwikkeling, Vagocom) vraagt hoe krimpregio’s - zoals het Land van Cuijk - toch in hun economische ontwikkeling kunnen worden gestimuleerd. Het antwoord is in feite ook hier eenduidig: vooral door samen te werken. ER doet er alsnog een schepje bovenop: ‘En ik zeg hier hardop, dat dorpen echt eens moeten ophouden met te vinden dat ze hun inwoners alle voorzieningen -  zoals school, kerk, verenigingsgebouw - moeten kunnen aanbieden in het eigen dorp. Immers, via een bepaalde clustering en goede samenwerking kunnen dorpen werkelijk betere en goedkopere dienstverlening geven’.

    Rondleiding
    Na dit zeer aangename vragenuurtje volgt een rondleiding door het gebouw. In drie ongeveer gelijke groepen komen we door verschillende gangen en zalen en krijgen ook af en toe wat leuke ‘inside information’. Want wij lopen mee met Michiel van Veen en gaan eerst de indrukwekkende Handelingenkamer in. Hier worden alle stukken die door de Tweede Kamer geproduceerd zijn, letterlijk in dikke boeken opgeslagen. Alles, maar dan ook alles, wat hier vanaf het spreekgestoelte gezegd is tot (pakweg) 2010 staat er geordend in enorme kasten, tot wel vier meter hoogte. Maar één schap is leeg: de oorlogstijd. Dit symboliseert onze sprakeloosheid en absolute  leegte in die tijd. In de nok heeft de kamer een fraaie lichtkoepel van glas in lood. In de tijd dat er nog geen elektrisch licht was, kon men zo door het natuurlijke licht van de koepel tot bijna in het donker doorwerken. (Over ijver en ambtenaren gesproken …) De Handelingenkamer ligt overigens in het hart van het Kamergebouw en was tijdens de Molukse treinkaping bij De Punt in 1977, tevens het stille zenuw-centrum waar de verantwoordelijke politici Den Uijl en v. Agt zelfs geslapen hebben!

    Als we vervolgens in een grote ‘feestzaal’ komen, blijkt dit de ruimte van de oude Tweede Kamer te zijn. Er konden hier nauwelijks 150 stoelen in, en een ruimere zaal was geen overbodige luxe. Nu valt het erg kleurrijke tapijt op, met grote vlakken in allerlei opvallende tinten. Wat het voorstelt? ‘Ik weet er geen eenduidig antwoord op’, aldus de rondleider. ‘Sommigen menen dat het staat voor de grote schakering aan bollenvelden in ons land; anderen beweren juist dat het de veelkleurigheid van onze samenleving symboliseert’. In de verschillende gangen zien we daarna vooral veel portretten. Van onze vorsten, van politici én van spraakmakende politieke gebeurtenissen. Zoals het  befaamde, geheime sigarengesprek tussen de heren Wiegel en van Agt, maar ook een fel gebarende boerenpartijleider Koekoek en de gloedvolle redenaar Marcus Bakker, destijds van de communistische partij.

    In één zaal hangen alle voormalige Tweede Kamervoorzitters bij elkaar. Het valt op dat de verschillende ego’s afstralen op de verschillende doeken. Zo staat de voorlaatste Kamervoorzitter Gerdi Verbeet (PvdA) vrij bescheiden en sober op het schilderslinnen,  terwijl Jeltje van Nieuwenhoven (ook PvdA) nogal groots te bewonderen is. Frans Weisglas (VVD) en Piet Bukman (CDA) zien we vooral in vrij rustieke pasteltinten, in de geest van die tijd. Als we tenslotte van Veen’s eigen kamer binnengaan valt meteen de ligging op. Gelijkvloers, met fraai zicht op het Binnenhof. Eigenlijk zou hij inmiddels al een wat grotere kamer én een verdieping hoger mogen hebben. ‘Immers, er is best een zekere hiërarchie in werkkamers in het gebouw. Hoe langer je Tweede Kamerlid bent, des te hoger je in het gebouw mag vertoeven en hoe groter ook je werkkamer is’. Maar hij vindt deze kamer zo aangenaam, dat hij er voorlopig niet weg wil. Het is trouwens ook een plek ‘waar je eerste rang zit wanneer de koning weer eens langs komt’. En inderdaad, je kunt - als je het raam een fractie openzet - soms ook best een flard van een gesprek met zijne majesteit oppikken’. (En zo komen de begrippen openbare ruimte en glazen huis hier dus prachtig tezamen)…

    Wie is straks de baas?
    Na de rondleiding krijgen we allemaal even een kortstondige impressie in de plenaire vergaderzaal. We vallen midden in een juridisch debat over het vluchtelingen - en veiligheidsvraagstuk. De betreffende minister (van der Steur) en staatssecretaris (Dijkhoff) zitten achter de tafel van het kabinet. De zetelverdeling in het parlement is opgebouwd uit politiek  ‘links ’, ‘rechts’ en ‘midden’. Allemaal gezien vanuit de stoel van de Kamervoorzitter. Opvallend is, dat stoelen van bepaalde kleine politieke partijen blijken te infiltreren in andere (grotere) partijen. Dit schijnt een kwestie van onderhandeling te zijn geweest (!). Zo heeft de Partij voor de Dieren zich met twee zetels keurig genesteld te midden van de PvdA en de SP, zit de SGP met drie zetels precies halverwege het VVD-vak, maar zit 50Plus met twee zetels midden achteraan.

    Wanneer we rond kwart over vijf de Tweede Kamer verlaten, staat in de ontvangsthal van het gebouw nog een intrigerende vraag: hoe zien wij de toekomst van de Staten Generaal. Oftewel: wie is straks de baas in ons land? De minister-president? Het parlement? Brussel? Of .. de burger? Het is interessant voer om over na te denken en dat gaan we vervolgens lekker doen in het tegenover liggende restaurant Dudok.
    Na het soepel verlopende diner - al was voor sommigen het toetje een beetje in de war - delen we op de terugweg in de bus naar het eigen Land van Cuijk, onze laatste politieke indrukken en de eerste burgerlijke tweets: zeker, het was me het dagje wel.
    (En het bezoek blijkt nadien nog wat specialer te zijn geweest, want er is inmiddels officieel besloten dat het historische gebouw ruim vijf jaar dicht gaat. Voor renovatie!)

    Foto's: Berry Poelen fotografie Cuijk

  • wo
    23
    sep
    2015
    Elkaar helpen, helpt echt!

    “Weet u wat voor T-shirt ik onder dit jasje draag? Nee? Zegt u echt nee? Goed geraden, kijk maar!” Onder het colbertje van de illusionist zien we inderdaad het bewuste woordje ‘Nee’. Gelach in de zaal. De vragensteller doet z’n jasje weer dicht. “En nu denkt u, dat ik dit antwoord al van te voren wist. Klopt deze gedachte? Ja?” Het colbertje gaat weer open en wat schetst onze verbazing: op het T-shirt staan nu de letters ‘Ja’. Wie manipuleert ons hier ?…

    BerryPoelen187

    fotoalbum

    Illusionist Jan Reinder, probeert op het Raboplein tijdens Bedrijvig 2015 in het Inspyrium van Ebben, Cuboxers en andere MKB-ondernemers uit NO-Brabant met voorbeelden duidelijk te maken dat ‘Elkaar helpen, echt helpt’. Hij sluit af met wellicht het duidelijkste bewijs. Op het podium staat een gedekte tafel met kopjes, borden en bestek. Een (ondernemende) dame uit het publiek wordt gevraagd het tafellaken zodanig weg te trekken, dat alles op tafel toch netjes op z’n plek blijft staan. Van te voren vraagt hij het 150-koppige publiek of het haar zal lukken. Ongeveer 65% denkt van niet, 35% meent van wel. Voor het zover is, wordt het publiek gevraagd haar te helpen met ideeën. Iemand raadt aan het tafellaken schuin naar beneden weg te trekken en niet horizontaal, een ander zegt dat ze wat meer afstand moet nemen tot de tafel en weer een ander wijst op het felle tempo dat ze moet hanteren bij het wegtrekken. Tenslotte geeft de grootste raadgever aan, dat ze het tafellaken alvast een beetje op moet rollen, waardoor ze er beter grip op krijgt. Onder toenemend handgeklap en verbaal lawaai trekt de vrouw vrijwel feilloos het laken onder de borden en kopjes vandaan. Operatie geslaagd. ‘Zie je wel, elkaar helpen, helpt’, zegt de illusionist. Oftewel: netwerken helpt.

    Sociaal ondernemen: als het kan, moet het dan?
    Voorafgaand aan deze presentatie vindt een forumdiscussie plaats over ‘sociaal ondernemerschap’.
    Ondernemers van naam, zoals boomkweker Toon Ebben, horecamanager Fred van der Valk, mededirecteur van Installateur Gebr. Janssen Peter van Houtum, IBN-directeur Maarten Gielen en ook Pascal Graat van Bol-accountants en Cuboxvoorzitter Emile Willems ventileren hun ideeën over dit thema. Onder het motto ‘als het kan, dan moet het ook’, geeft van der Valk een duidelijke voorzet, met als voorbeeld dat hij ‘volgens dit beginsel al samenwerkt met IBN’. Van Houtum noemt vooral de positieve ervaringen op die hun bedrijf heeft met mensen met beperkingen. ‘En andere medewerkers halen uit de contacten met hen absoluut extra energie’. Toon Ebben wijst eerst even op zichzelf. ‘Ik vergeet wel eens, dat sommige medewerkers bij ons echt fysiek zwaar werk moeten doen’. Door het (verplichte) sociale aspect komt er nu meer aandacht voor duurzame oplossingen inzake arbeid. ‘Ook de methodiek bij aanbestedingen van de overheid eist dat ‘social return’ een steeds belangrijkere bepaler wordt’. Pascal Graat noemt in dit kader het ‘strategisch omgaan’ met de eigen medewerkers. ‘Als we innovaties willen toepassen, moeten die medewerkers ook aangepaste competenties hebben, anders ontstaan er problemen’.
    Gielen (IBN) komt vanzelfsprekend op voor de werkers met een beperking. ‘Onze mensen kunnen veel meer dan de meesten denken’. En: ‘bedrijven moeten meer geloof hechten aan de mogelijkheden en talenten van onze mensen, dan kijken naar hun beperkingen’. Op een vraag uit de zaal ‘of dat ook geldt op ICT-gebied’, antwoordt Gielen dat ‘bijvoorbeeld sommige autisten supergeschikt zijn voor bepaalde klussen op dit terrein’. Emile Willems probeert aan te geven dat sociaal ondernemerschap ‘breder gezien moet worden. Denk hierbij ook aan het rekening houden met de omgeving, met de natuur, met elkaar. ‘We leven in een tijd van (enorme) veranderingen. Dat vraagt om een andere manier van denken. Hij raadt ons aan het acht minuten durende filmpje ‘The Golden Circle’ te bekijken op YouTube, ‘want dit kan je denkrichting radicaal veranderen’. (We weten wel WAT we doen of maken, meestal ook nog wel HOE we dit doen, maar WAAROM we iets doen, dat is een ingewikkelder kwestie. En dat is toch de kern.) Overigens erkent Emile dat deze vraag voor veel MKB-ers best lastig is, omdat er vooral ook geld verdiend moet worden en dan wordt het ‘je bezig houden met meer sociale en filosofische zaken al snel gezien als bij-zaken’.

    Illusie of sturing
    Het tweede uur van de bijeenkomst op het Raboplein geeft illusionist Jan Reinder de gelegenheid om ons aan te geven en te laten ervaren ‘hoe we gemanipuleerd en gestuurd worden door anderen’. Hoe suggestiever de vragen en beelden, hoe logischer onze reacties. Alleen al het feit, dat je een bepaalde naam in gedachten hebt, en dat deze - zonder hem uit te spreken - door allerlei suggesties toch ontrafeld wordt, zet je als toehoorder aan het denken. Oppassen voor cliché’s, afstappen van automatismen, echt ánders gaan denken (bijvoorbeeld over sociaal ondernemen): dat is wat deze avond bij Bedrijvig 2015 ons duidelijk moest maken. Of het gelukt is? Het zal wel moeten …

    Foto’s: Berry Poelen fotografie Cuijk

  • do
    04
    jun
    2015
    Beugen

    Bijna negentig Cubox-ondernemers stonden donderdag 4 juni in de startblokken voor een duurzaam rondje Beugen. Niet alleen stonden er 75 Land van Cuijk fietsen en 12 elektrische trikkes klaar – geleverd door Duurzaam Mobiel uit Boxmeer – ook de twee bedrijven RTO (Rooijackers Transport Oeffelt) en Gebr. Janssen die bezocht werden, hadden op ons verzoek het accent bij hun presentatie op duurzaamheid gelegd.

    DSCF1677-∏BerryPoelen

    fotoalbum

    Gebr. Janssen heeft als twee belangrijkste bedrijfstakken: dakbedekking en installatiewerk. In 2014 was de totale omzet 16 à 17 miljoen Euro, ongeveer gelijk verdeeld over beide sectoren. Het bedrijf heeft 125 medewerkers, waarbij de verdeling tussen werkvoorbereiders (incl. administratie) en uitvoerende werkers gemiddeld 1:6 is. “Natuurlijk hebben we het de afgelopen jaren niet gemakkelijk gehad” - sprak Robert van de Heuvel, algemeen directeur van het voormalige familiebedrijf - “ maar ook overleven is een kunst en we bestaan niet voor niets al 125 jaar!” Het installatie- en dakdekkers-bedrijf Gebr. Janssen, met vestigingen in Beugen, Horst en Venray, kreeg in 2011 het eervolle predicaat ‘hofleverancier’. Dat krijg je natuurlijk niet zomaar. “Niet alleen moet je tenminste 100 jaar bestaan als bedrijf, je moet ook van ‘onbesproken gedrag’ zijn en een enorm scala aan documenten kunnen overleggen, die de waarde en betekenis van het bedrijf aangeven. Natuurlijk is nooit precies te meten wat dit soort publiciteit je oplevert, maar ik heb wel het gevoel dat het een positieve invloed heeft bij bepaalde aanbestedingen”, aldus van de Heuvel. Het werkgebied van de onderneming bevindt zich in een straal van ongeveer 50 km rond de vestigingen, maar ook de opdrachtgever bepaalt hoe ver ‘de hand van Janssen’ reikt. Zo verricht het bedrijf alle installatiewerkzaamheden voor supermarktketen Jan Linders en wanneer er dus een nieuwe vestiging in Maastricht komt, is Janssen ook daar van de partij.

    Duurzame oplossingen
    Naast het cruciale VAK-concept - Vakbekwaamheid, Afspraak is afspraak en de eis van hoge Kwaliteit – neemt het bedrijf ook z’n maatschappelijke verantwoordelijkheid serieus. Mensen met enige afstand tot de arbeidsmarkt, werken via de IBN bij Gebr. Janssen onder meer bij het sorteren van de afvalstromen. Maar liefst 18 verschillende soorten afval worden momenteel in bakken gescheiden. Sommige restproducten kosten geld, andere - zoals ijzer en koper- leveren de onderneming geld op.

    Het bedrijf probeert in de bouw leiding gevend te zijn met duurzame oplossingen. Op het gebied van daken bijvoorbeeld, met groene daksystemen en pv-panelen in de profielen van de dakpannen. Bij het installatiewerk zorgen warmtepompsystemen ervoor, dat de warmte uit de ondergrond gebruikt wordt voor de verwarming van huizen en gebouwen. Bij grotere werken – zoals bij supermarktvestigingen, scholengemeenschap Metameer, schouwburg Cuijk en het brandweergebouw van Leerdam - kunnen de toepassingen zodanig benut worden dat ze die bedrijven op termijn behoorlijke voordelen opleveren. Ook het creëren van levensloopbestendigheid van badkamers – via de connectie met de Baderiewinkels – is een hot item én een voorbeeld, dat deze installateur voortdurend bezig is met de toekomst.

    RTO (Rooijackers Transport Oeffelt) plaatst ultramoderne opslaghal in Beugen
    Ongeveer 1 km verderop ligt de gloednieuwe bedrijfshal van RTO (Rooijackers Transport Oeffelt).
    Het eerste deel van hun nieuwe pand is hiermee een feit: een innovatieve hal voor veelal gekoelde opslag. Die koelruimte bevat 475 m2, met plek voor 1330 pallets. De ‘gewone’ ruimte biedt plaats aan 1440 pallets. In twee groepen maken we kennis met de nieuwste snufjes van deze bedrijfshal en toont directeur Peter Rooijackers ons de duurzame oplossingen in de hal, uitgevoerd door Gebr. Janssen.

    Het familiebedrijf bestaat dertig jaar, heeft zijn wortels in Oeffelt, maar wil duidelijk groter worden via nieuwbouw op bedrijventerrein Sterckwijck in Beugen. Het bedrijf heeft 15 vaste medewerkers en heeft als speerpunten: zowel op de weg als bij de opslag innovatief bezig zijn. Alle transportwagens hanteren het TMS (Transport Management Systeem). Rooijackers noemt het een ‘rit-optimalisator’ , waardoor alle auto’s via een boordcomputer exact kunnen nagaan waar de (minste) files zijn, hoe het precies staat met de laad- en losplaatsen en of bijvoorbeeld de buiten- of binnentemperatuur moet worden bijgesteld. Op een groot scherm – geplaatst op een toepasselijke, logistieke heftruck – komen de verschillende grafics en sheets voorbij. Peter Rooijackers ligt toe, maar de echo van de grote hal vervormt soms enigszins zijn stemgeluid …

    Duurzaamheid en kostenbesparingen gaan prima samen bij de realisatie van de hal. Zo is er gebruik gemaakt van extra dikke sandwitch-panelen en zijn er speciale ‘snelloopdeuren’ aangebracht, waardoor er nooit veel koude lucht uit de koelruimte kan ontsnappen. Ook is er vloerverwarming geïnstalleerd, zodat er overal en continu in de hal een gelijkmatige temperatuur is. Een thermostaat systeem zorgt hierbij dat de (warme) lucht wordt gemengd. Zeer kostenbesparend is bovendien, dat de restwarmte van de koelmachines direct wordt gebruikt voor die vloerverwarming. De belangrijkste klanten van Rooijackers zijn bedrijven waar geconditioneerde omstandigheden essentieel zijn, zoals in de farmacie en de foodsector …

    Natuurrondje Vilt
    Nadat beide bedrijven zijn bezocht, gaan de (meeste) ondernemers op fiets en trikke door het Land van de Vilt naar het slotfestein: de BBQ bij groepsaccommodatie De Vilt. Deze accommodatiewinnaar van het jaar 2014 - gerund door Ellen Gerrits en partner - is niet alleen prachtig gelegen, maar heeft ook verschillende mooie vergader- en ontmoetingsruimtes. Door het fraaie weer en een knorrende magen, komen de meeste Cuboxers echter niet veel verder dan het grote buitenterras, waar allerlei lekkere barbecueproducten door kok André Peters van het Beugense Posthuis vakkundig worden gegaard. De jaarvergadering, aan het eind van de avond, is zoals verwacht: kort en krachtig. (Dat de zorgvuldig uitgeschreven fiets- en trikketocht van 9,2 km door natuurpark De Vilt voor sommige ondernemers toch net iets te ver was - zij kozen voor de ultrakorte route van 1,5 km - zullen we maar scharen onder het kopje ‘gezonde eigenzinnigheid’ …)

  • do
    19
    mrt
    2015
    Adjiedj Bakas, Elies Lemkes, Rob Adams

    Een reis naar de zon. Gekkenwerk of wellicht toch zo gek nog niet?!

    IMG_7631-©BerryPoelen

    fotoalbum

    Rob Adams brengt bij het Bedrijfs Event 2015 het historische boekje ‘A Method of …’  van Robert Goddard uit 1919 in onze herinnering, waarin de auteur een serieuze theorie oppert over een reis naar de maan. De vakpers en gezaghebbende kranten als The New York Times sabelden destijds de theorie genadig neer. Maar vijftig jaar later landt Neil Armstrong, op 20 juli 1969, wel als eerste mens op diezelfde maan. Het onmogelijk geachte is werkelijkheid geworden. De boodschap van Adams is duidelijk: nieuwe denkbeelden zullen altijd grote weerstand oproepen.

    Ebben’s Inspyrium in Beers is voor deze gelegenheid met tien barokke kroonluchters , een grote vierkante videowall en 500 zitplaatsen in carrévorm, omgetoverd in een heus auditorium. 450 Ondernemers - 10% van de aanmelders komt steevast niet! – verlustigen zich met inspirerende bijdragen van de drie coryfeeën Adjiedj Bakas (trendwatcher des vaderlands en auteur), Rob Adams (‘Ga bedrijfsvreemd en leer’) en Elies Lemkes (Jarenlang verbonden aan Brainport Einhoven en nu ZLTO-voorzitter).

    Bakas bijt het spits af. Een zachte, vriendelijk stem ‘trendwatchet’ ons door de komende jaren heen  middels talloze intrigerende gedachten en zeer aanstekelijke filmpjes. Vooral de bewegende beelden spreken aan en er is regelmatig gelach. Zo zien we een rij bejaarden met een badmuts, achter elkaar op een lopende band, zittend in een stoel, comfortabel gedoucht worden. Een voorbeeld van de robotisering. Een Braziliaans bananasplit-filmpje over filetvlees en gehakt, toont echte biggetjes in een supermarkt die ogenschijnlijk in een gehaktmachine verdwijnen. We zijn vervreemd van het product. De emotionele reacties van het winkelend publiek zijn duidelijk. (Gelukkig zien wij  onder de machine een opvangbak voor de biggetjes)

    Bakas schetst een viertal zaken ‘die we steeds meer zullen gaan zien’. Als eerste trend noemt hij een jongeren-markt die continu in verandering is. Als tweede signaleert hij ‘een globalisering die in een lagere versnelling komt’. Er komt dus meer ‘slowbalisering’, want lang niet iedereen kan omgaan met de versnellingen in de technologie. De ongelijkheid zal wel verder toenemen en er zullen ook veel mensen zijn die niet meekunnen. De derde trend vat hij als volgt samen: er moet meer gelummeld worden; het tijdperk van de voortdurende efficiency loopt ten einde. En als vierde meent hij dat ‘wie niet constant bijleert, de analfabeet is van de toekomst’. Tussendoor benoemt hij met voorbeelden ook een aantal ontwikkelingen die in feite niet zo heel vreemd zijn. Volgens natuurwetten geeft actie immers altijd reactie. Dat na het ‘Ik-tijdperk’ het ‘Wij-tijdperk’  (Twee weten meer dan één) komt, hoeft niet te verbazen. En dat de globalisering trager zal gaan verlopen na de huidige wervelstormen evenmin. Ook de hang naar kleinere entiteiten is logisch, na een ontwikkeling van groot, groter, grootst. (Alom schaalvergroting, fusies, megastores, woontorens, scholengemeenschappen, etc.). Niettemin spraken veel voorbeelden en anekdotes tot de verbeelding  en waren ook de uitsmijters duidelijk: ‘Wees als ondernemer altijd ontevreden, pas dan kom je vooruit! En: ‘Als je alles loslaat, heb je je handen vrij om de toekomst te grijpen’.

    Elies Lemkes is bekend geworden door haar bijdragen voor Brainport Eindhoven. Een voorbeeldgebied, waar ‘innovatie en verbinden’ kernwoorden zijn geworden. Zij noemt ondermeer het Metaalhuis, waar kleine, ambachtelijke bedrijfjes nieuwe, eigen producten maken die tegelijk als toeleveranties kunnen dienen voor producten van grote jongens als Van de Leegte, ASML en NXP. Zelf is ze nu ‘vreemdgegaan’ door haar overstap naar de zuidelijke  landbouworganisatie ZLTO. Als motto gebruikt ze: ‘Vreemd gaan in een vertrouwde omgeving, dat verbindt’. Oftewel: probeer ook als agro-foodgebied (Land van Cuijk) elkaar te gebruiken en sterker te maken door te vernieuwen. Maar ze geeft tevens aan, dat vernieuwen en innoveren grote woorden zijn en dat je nooit van te voren kunt zeggen of dingen gaan lukken of resultaat hebben. ‘Het kan ook mislukken, maar dat is helemaal niet erg, want dan is het de voedingsbodem voor een nieuwe stap’. Haar afsluitende zin is er één om over na te denken: ‘verbeteraars werken (echte) vernieuwers vaak tegen’!

    Rob Adams - tenslotte - schetst voorbeelden van ‘kruisbestuiving’ die zorgen voor vernieuwing en die tegelijk problemen kunnen oplossen. Het voorbeeld van de Braziliaanse leraren Engels in het overwegend Portugees sprekende Brazilië, spreekt aan. De Engelse uitspraak van de meeste leraren blijkt erg matig te zijn. Door hen nu te laten skypen met oudere (gepensioneerde) leerkrachten in de USA komen er direct praktische correcties. De uitspraak verbetert en de Engelse taal zal in Brazilië meer en beter gebruikt gaan worden.  Een verwarrende vorm van vernieuwing biedt het aandoenlijke filmpje van de baby en de tablet. Acht maanden oud swipet en scrollt het kind er al op los. Wanneer het kind vervolgens een glossy tijdschrift krijgt in te zien, proberen de vingertjes of de plaatjes in het blad groter of kleiner gemaakt kunnen worden. Omdat dit niet lukt, drukt het kind met een vinger op het eigen been om te voelen of de vinger nog wel Ok is. Ach, het geeft ons letterlijk een andere kijk op de bekende stelling: je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen!

    Foto’s: Berry Poelen fotografie Cuijk
  • do
    05
    feb
    2015

    Chinees vuurwerk in voormalige Engelse atoombunker bij het Duitse Weeze
    Donderdag 5 februari

    Zo internationaal kan het dus zijn bij Cubox. Op donderdag 5 februari namen ongeveer tachtig Land van Cuijkse ondernemers deel aan een soort dubbelprogramma: eerst  een rondleiding door een fascinerend bunkerbouwwerk uit de tijd van de koude oorlog en daarna een praktische cursus ‘Chinees ondernemerschap voor beginners’.

    DSCF1043-BerryPoelen

    fotoalbum

    Omdat de Boxmeerse verhuisbroeders Roel en Stijn van Dijk sinds kort een enorme (vroegere) Engelse  atoombunker huren in het Duitse Weeze om er speciale spullen in op te slaan, wilden ze Cubox hiervan deelgenoot maken. Daarom kregen we de unieke gelegenheid om er een rondleiding te krijgen. Tegelijk mochten we een beetje meedenken over de verschillende bestemmingsmogelijkheden van die bunker.

    Afschrikking
    De rondleiding leverde natuurlijk aparte gevoelens op. Niet alleen door de kou - het was er maar twaalf graden en dan is een colbertje maar een dun ‘kleedje’ - maar ook door de ruimtes en de toenmalige bedoelingen van het gebouw. Zo is de grote, stalen toegangsdeur  geen filmanimatie, maar indrukwekkende werkelijkheid. Eigenlijk waren het overigens  twee bunkers: een buiten- en een binnenbunker, met een grote lucht schacht ertussen. En juist die schacht had ervoor moeten zorgen dat een inslag van een vijandige raket, op die plek ontdaan zou worden van haar impact. Zover is het nooit gekomen, want nadat het gebouw in 1988 is opgeleverd  - na een bouwtijd van ruim één jaar, maar wel dag en nacht  - is het nog een jaar of tien operationeel geweest in technische zin. Aan de koude oorlog was inmiddels - mede door Gorbatsjov - min of meer een einde gekomen. De laatste 15 à 20 jaar is het gebouw daarom alleen nog maar een dure en doelloze betonnen doos. Een doos met unieke en heel specifieke controleruimtes van wapensystemen, radarmodules en computerinstallaties. De toenmalige tegenstanders (Russen c.s.) kenden het bestaan er wel van, en dat was ook de bedoeling. Want de bunker was vooral bedoeld als afschrikking. Het feit dat er in de buurt tweemaal vier squadrons gelegerd waren - zo’n 64 vliegtuigen - deed hier weinig aan af. Merkwaardig was wel de idee, dat het gebouw de honderd  technici die er werkten slechts bescherming moest bieden’ voor twee à drie weken’. Meer was volgens experts niet nodig, ‘want een moderne oorlog zou zeker binnen die tijd zijn afgelopen!’

    Bijzondere bestemmingen: meedenkers gevraagd
    De gebroeders van Dijk zijn bijna vijf jaar bezig geweest om het gebouw te kunnen huren. Die lange duur had onder meer te maken met de huurprijs, maar ook met mogelijke bestemmingen van het gebouw. Welke opslag zou er mogelijk zijn? En kon de prijs niet gekoppeld worden aan die opslag? Uiteindelijk hebben ze de bunker eind 2014 ‘gewoon’ gehuurd voor vijf jaar. Terwijl het oorspronkelijke idee voor opslag van historische archieven of wijnen e.d. is verlaten, wordt er momenteel gedacht aan duurzame of uiterst speciale producten, zoals stamcellen. Maar elk nieuw en goed idee is nog steeds heel welkom. Dus, Cuboxers …!

    Yin en Jan in zaken. Vier denkers bepalen de Chinese ziel.
    Waar moet je als Brabantse MKB-er rekening mee houden als je zaken wilt doen in China? Tolk en China-deskundige Lian Baay,geeft in de bunker eerst een simpele opsomming van de culturele verschillen tussen China en Holland. Wij Nederlanders zijn naar Grieks-Romeinse traditie nogal individualistisch, behoorlijk rationeel,  komen steeds met ‘waarom’ vragen, reageren heel direct, zijn planmatig en gestructureerd en ook kritisch en punctueel, we  zijn zuinig én geworteld in een egalitaire en pluriforme samenleving. De Chinezen hebben een totaal andere achtergrond. Er bestaat overigens geen ‘gemiddelde’ Chinees, maar er zijn wel meer dan vijftig verschillende culturele achtergronden. Degenen met wie westerlingen te maken krijgen, wonen vooral aan de (rijke) oostkust. China is immers in grote mate nog steeds een ontwikkelingsland, met een gemiddeld inkomen van slechts 2360,- USD per jaar. Het land wordt centraal geleid volgens een socialistisch-economisch marktprincipe met vooraf bepaalde doelen, opgesteld in vijf jarenplannen. De ziel van de Chinees wordt echter bepaald door vier denkers uit vier totaal verschillende tijden: Confucius, Lao Tse (Taoïsme), de Legalisten en Mao Tse Tung (Communisten).
    Zij kenmerken in hoofdzaak de belangrijkste normen en waarden in de Chinese samenleving.
    Zo predikte Confucius naast deugdzaamheid en menslievendheid ook grote loyaliteit aan de voorouders en hij geeft zo via de hiërarchische piramidestructuur duidelijk je verantwoordelijkheden aan. Bij het Taoïsme staat ‘de weg’ centraal. Hoe bereik je een doel? In Nederland willen we het liefst langs één pad en gaan we recht op ons doel af. In China zijn er nogal wat (om)wegen om dat doel te bereiken. De holistische gedachte en het principe van Yin en Yang - alles heeft met elkaar verband - speelt hierbij een grote rol. (Overigens is het resultaat niet zelden beter en uiteindelijk ook sneller bereikt). Als derde stroming zijn de Legalisten vooral streng in de leer en erg door regels gedreven. Het vastzetten en vasthouden aan instructies is hier sterk leidinggevend. Het communisme, tenslotte, plaatst - in de geest van Mao Zedong - vooral het groepsbewustzijn voorop.

    Globemilk en de praktijk van het zaken doen in China
    De echte praktijk van het zakendoen met China van het melk- en ijsbedrijf ‘Globemilk’ sluit hier vrijwel naadloos op aan. Vooral door de sprankelende en onderhoudende verhalen van directeur Martin Derks en commercieel manager Rob Branje. Vijf jaar geleden  is het bedrijf gestart door (boer) René van der Vleuten. Uit onvrede over de melkprijs die hij ontving van Nutricia. Hij begon voor zichzelf. Eerst met ijsbereiding in Overloon, later ook met lang houdbare melk in Boxmeer. Door toeval komt hij op een beurs in contact met Chinezen. Ze gaan lang houdbare melk produceren. Deze melk blijkt in China met 0,3% een nichemarkt, maar omdat er 1,3 miljard Chinezen zijn, tikt de verkoop toch aardig aan. Inmiddels is Globemilk gegroeid van 5 naar 25 mede-werkers. Beide sprekers beamen ook via anekdotes de cultuurverschillen bij het zaken doen..Vooral het communicatiepad (Tao) naar het echte onderhandelen spreekt aan. Waar Nederlanders direct en rationeel al snel to the point komen, begint een Chinees eerst met verkennende bespiegelingen over familie- aangelegenheden, om pas ’s avonds bij het eten tot zaken te komen. In wezen test een Chinees op deze manier je oprechtheid en betrouwbaarheid. Je moet geduld hebben in China,  maar áls ze van je overtuigd zijn, ben je in dit land voor langree tijd goed af. En Chinezen willen dan voor zo’n goed contact ook best iets meer geld uitgeven.

    Tips en trics.
    Samenvattend kun je zeggen, dat de belangrijkste zakelijke verschillen tussen China en Nederland zijn gelegen zijn in de elementen: taal, de wijze van communiceren, het al of niet direct zijn en de betekenis van ‘ ja’ of  ‘nee’. (Want uit menselijke beleefdheid wordt in China vaak  geen ‘nee’ gezegd, maar wordt het soms wel zo bedoeld). De overeenkomsten tussen beide culturen zijn vooral:

    resultaatgerichtheid, het harde werken, de positieve grondhouding, praktisch zijn én het serieus op elkaar kunnen rekenen. Tot slot krijgen we enkele tips voor de praktijk: gebruik vooral simpel (engels) taalgebruik, zet de afspraken op papier en probeer volgens hun gewoonten en normen contact te maken. En bovenal: blijf GEDULDIG. Want geduld is hier één van de meest schone zaken!

    foto's: www.hagemannfotografie.nl